Coronavirus: FAQ steunmaatregelen

Laatste update 22 juni 2020 om 15u30.

Gewijzigd sinds vorige update (11 juni 17u30):

  • 9. Hinderpremie - Uitbreiding voor bepaalde handelszaken die gesloten blijven (UITBREIDING)
  • 10. Compensatiepremie - Aanvullende compensatiepremie (NIEUW)

1. Belastingen (FOD Financiën)

Voor de aanslagen die werden gevestigd vanaf 12/03/2020 zal u automatisch, bovenop de normale betaaltermijn die wordt vermeld op het aanslagbiljet, een uitstel van betaling worden toegekend van 2 maanden. Tijdens dit uitstel zullen er geen nalatigheidsinteresten verschuldigd worden.

Noteer dat de “datum van verzending”, zoals weergeven op het ontvangen aanslagbiljet, van belang is om te beoordelen of het automatische uitstel van betaling al dan niet van toepassing is in uw situatie.

Bijkomend kan u ook betaaltermijnen (lees een afbetalingsplan) aanvragen, een vrijstelling van nalatigheidsinteresten en/of de kwijtschelding van boeten wegens laattijdige betaling aanvragen. Deze aanvragen kan u indienen voor zowel de aanslagen gevestigd vóór 12/03/2020, als voor de aanslagen gevestigd vanaf 12/03/2020.

Merk op dat ondanks het feit dat het duidelijk is dat het automatische uitstel voor betaling van toepassing is voor alle natuurlijke personen die hun aanslagbiljet in de personenbelasting ontvangen, deze duidelijkheid verder ontbreekt voor de hierboven aangehaalde aanvragen. Dergelijke aanvragen kunnen volgens de website van de FOD Financiën in principe enkel gebeuren door natuurlijke personen met een KBO-nummer (lees natuurlijke personen met een eenmanszaak waarvan zij de inkomsten in hun aangifte personenbelasting aangeven).

Meer informatie omtrent de voorwaarden, de termijn, de procedure,... voor deze aanvragen kan u terugvinden op de website van de FOD Financiën.

In bijgevoegde link kan u tevens een flowchart terugvinden waarin wij bovenstaande voor u schematisch hebben voorgesteld. 

Voor de aanslagen die werden gevestigd vanaf 12/03/2020, deze datum kan u terugvinden op het ontvangen aanslagbiljet onder de bewoording “datum verzending”, zal u automatisch een uitstel van betaling worden toegekend van 2 maanden. Dit uitstel komt bovenop de normale betaaltermijn zoals opgenomen op het aanslagbiljet. Nalatigheidsinteresten zullen voor de looptijd van dit uitstel tevens niet verschuldigd worden.

Daarnaast kan u, voor het door uw vennootschap ontvangen aanslagbiljet in de vennootschaps- of rechtspersonenbelasting, bijkomend ook extra betaaltermijnen (afbetalingsplan) aanvragen, een vrijstelling van nalatigheidsinteresten aanvragen en/of een kwijtschelding van boeten wegens laattijdige betaling aanvragen. Deze aanvragen kan u indienen voor zowel de aanslagen gevestigd vóór 12/03/2020, als voor de aanslagen gevestigd vanaf 12/03/2020.

Meer informatie omtrent de voorwaarden, de termijn, de procedure,... voor deze aanvragen kan u terugvinden op de website van de FOD Financiën. 

In bijgevoegde link kan u eveneens een flowchart terugvinden waarin wij bovenstaande voor u schematisch hebben voorgesteld.

Omdat heel wat bedrijven getroffen worden door de heersende maatregelen in het kader van COVID-19, heeft de regering besloten de percentages van de voorafbetalingen die later op het jaar gebeuren - voor de derde en de vierde vervaldag op respectievelijk 10/10/2020 en 20/12/2020 - te verhogen

Hierdoor zal het uitstellen van de voorafbetalingen naar een later tijdstip in 2020 minder nadelig uitvallen voor de vennootschap.   

Deze steunmaatregel is enkel maar van toepassing op de ondernemingen die met liquiditeitsproblemen kampen door toedoen van het coronavirus. Bijgevolg zullen de ondernemingen die een inkoop van eigen aandelen doorvoeren, een kapitaalvermindering of dividenden betalen dan wel toekennen tussen 12/03/2020 en 31/12/2020 uitgesloten worden van deze steunmaatregel.  

De percentages van de vermeerderingen (zijnde 2,25% in de personenbelasting en 6,75% in de vennootschapsbelasting) zelf blijven ongewijzigd, net zoals de data van de voorafbetalingen. 

Via deze link kan u alvast een tabel terugvinden met daarin de aangepaste percentages van de voordelen voor de voorafbetalingen die worden gedaan tijdens inkomstenjaar 2020.  

Deze maatregel is eveneens van toepassing voor de voorafbetalingen die betrekking hebben op een boekjaar dat afsluit tussen 30/09/2020 en 31/01/2021. Het betreft in dat geval de percentages van de voorafbetalingen die moeten gedaan zijn ten laatste de tiende dag van de tiende maand van dat boekjaar en de twintigste dag van de laatste maand van dat boekjaar.    

De overheid heeft voorzien in een automatisch uitstel van betaling van 2 maanden voor de BTW en bedrijfsvoorheffing die verschuldigd is voor de maanden februari, maart en april (maandaangevers) of voor Q1/2020 (kwartaalaangevers). Dit uitstel zal geen boetes, noch interesten doen ontstaan.

Een schematisch overzicht van deze uitgestelde betalingstermijnen inzake BTW en bedrijfsvoorheffing kan hier worden teruggevonden.

Let wel: in de praktijk zien we dat – ondanks het hierboven beschreven betalingsuitstel – de BTW-administratie in haar briefwisseling van de rekening-courant rekeninguittreksels nog steeds de oude termijnen vermeldt, waardoor het lijkt alsof men aldus toch verkeerdelijk te laat is met de betaling.  

Dit is gelukkig niet zo, het automatische uitstel geldt dus steeds voor alle BTW-belastingplichtigen. De administratie stuurt deze brieven naar eigen zeggen enkel om u op de hoogte te brengen van de huidige toestand van het verschuldigde bedrag. 

Naast dit automatisch toegekende uitstel van betaling kan u tevens, van zodra u het betaalverzoek ontvangt, extra betaaltermijnen (een afbetalingsplan) aanvragen, een vrijstelling van nalatigheidsinteresten aanvragen en/of een kwijtschelding van boeten wegens laattijdige betaling aanvragen in de mate dat u kan aantonen dat u hinder ondervindt van het coronavirus.

Indien u een afbetalingsplan voor de bedrijfsvoorheffing aanvraagt is het bijkomend van belang om uw sociaal secretariaat hiervan op de hoogte te brengen, zodat ze hier rekening mee kunnen houden indien zij instaan voor de doorstorting van de bedrijfsvoorheffing.

Meer informatie omtrent de voorwaarden, de termijn, de procedure,... voor deze aanvragen kan u terugvinden op de website van de FOD Financiën.

 

Wanneer uw onderneming maandelijks haar BTW-aangifte moet indienen kan zij onder bepaalde voorwaarden aanspraak maken op een versnelde teruggave van het BTW-tegoed dat zij heeft op de administratie.  

In principe dient uw onderneming over een specifieke vergunning te beschikken, of als starter te kwalificeren, wanneer zij aanspraak wil maken op een maandelijkse teruggave van de BTW-tegoeden die zij heeft. In het verlengde van de steunmaatregelen van de coronacrisis is er echter beslist deze versnelde teruggave, mits naleving van bepaalde voorwaarden, tijdelijk ook open te stellen voor alle maandaangevers en hun eventueel BTW-tegoed over de maandaangifte van februari 2020

Dankzij deze maatregel kan uw vennootschap de terugbetaling van haar tegoed uiterlijk op 30/04/2020 verwachten, wat ongeveer 1 maand sneller is dan normaal. Noteer wel dat dit tegoed eventueel nog aangewend kan worden door de administratie ter aanzuivering van andere openstaande schulden.   

De BTW-administratie  heeft in tussentijd de mogelijkheid tot maandelijkse teruggaaf ook uitgebreid voor het saldo van de BTW-aangifte van maart 2020 . In dat geval moest u uw aangifte voor de maand maart 2020 echter uiterlijk op 03/05/2020 indienen.

Meer informatie over deze versnelde teruggave kan u op de website van de FOD Financiën terugvinden.

Indien u van deze versnelde teruggave wenst gebruik te maken, contacteer dan zeker uw relatiebeheerder! 

Indien u zelf zorg draagt voor de BTW formaliteiten van uw vennootschap, kunnen wij u alvast informeren dat er een algemeen uitstel is toegekend voor het indienen van uw BTW-aangiften, (eventuele) intracommunautaire opgaven en de jaarlijkse klantenlisting.

Via deze link geven wij u alvast graag een schematisch overzicht van de verlengde aangiftetermijnen inzake BTW.

Noteer wel dat, in het geval uw onderneming als maandaangever een BTW-tegoed heeft over 02/2020 en/of 03/2020 en graag wil genieten van de (tijdelijk) versnelde teruggave mogelijkheid (wij verwijzen hiervoor naar de voorgaande vraag), uw onderneming haar aangifte over 02/2020 en/of 03/2020 uiterlijk op respectievelijk 03/04/2020 en/of 03/05/2020 dient in te dienen.  

Verder wordt er voor vennootschappen met een gebroken boekjaar, waarvan de uiterlijke indieningsdatum voor de aangifte vennootschaps- of rechtspersonenbelasting zich situeert tussen 16/03/2020 tot en met 30/04/2020, een algemeen uitstel tot en met 30/04/2020 verleend voor het indienen van de aangiften.      

In het geval dat Cynex bovenstaande administratieve formaliteiten voor u behartigt, kunnen wij u alvast informeren dat wij streven naar een tijdige indiening van bovenvernoemde aangiften binnen de daarvoor oorspronkelijk voorziene termijnen.

Ja, de Ministerraad heeft een ontwerp goedgekeurd dat bepaalt dat vanaf 08/06/2020 tot en met 31/12/2020 een verlaagd BTW-tarief van 6% zal gelden voor restaurant- en cateringdiensten, met uitsluiting van het verschaffen van bieren met een effectief alcoholvolumegehalte van meer dan 0,5% en andere dranken met een effectief alcoholvolumegehalte van meer dan 1,2%. 

Ondanks het feit dat de benaming ’restaurantdiensten‘ anders zou kunnen doen vermoeden, gaat het hier ook om het verschaffen van dranken zonder spijzen (als dat gepaard gaat met voldoende relevante bijkomende diensten) in alle mogelijke drankgelegenheden (cafés, tavernes,…). 

Deze maatregel zal betrekking hebben op alle permanente of tijdelijke inrichtingen die de restaurant- of cateringdiensten verrichten. Indien u een geregistreerd kassasysteem heeft, dient u zo spoedig mogelijk uw kassasysteem aan te passen. 

Cynex kan u ondersteunen bij het bekomen van een afbetalingsplan, de aanvraag tot vrijstelling van nalatigheidsinterest en/of de kwijtschelding van boeten wegens laattijdige betaling. Wij assisteren u graag bij het opmaken van het vereiste formulier (terug te vinden onderaan de webpagina).

Wenst u het formulier liever zelf te vervolledigen, maar wil u toch graag een quick check laten uitvoeren door Cynex? Ook hierin staan wij u graag bij!

Indien u onze ondersteuning wenst, is het van belang dat, van zodra u uw aanslagbiljet in de personenbelasting, vennootschapsbelasting,... of betaalverzoek inzake BTW of bedrijfsvoorheffing ontvangt, u ons dit zo spoedig als mogelijk bezorgt. Het aanvraagformulier dient namelijk uiterlijk vóór 30/06/2020 het bevoegde invorderingscentrum te bereiken. 

In het geval waarbij u ondersteuning wenst van Cynex, dienen we dan een argumentatie te formuleren én bewijsstukken van u te ontvangen waarbij aangetoond kan worden dat uw onderneming dan wel privé-situatie wordt beïnvloed door het COVID 19 – virus. We denken hierbij aan: annulaties dan wel opschortingen van opdrachten of projecten, een vergelijkend overzicht van de omzet 2019 versus 2020, een daling van de bestellingen en dergelijke meer… Hoe dan ook zijn wij niet van mening dat een zeer omstandige motivering met veel bewijsstukken dient toegevoegd te worden. De fiscale administratie en de bevoegde minister hebben aangekondigd om soepel om te gaan met de aanvragen.

2. Carry-back verliezen (FOD Financiën)

Op 18/06/2020 werd het wetsontwerp van een nieuwe fiscale steunmaatregel goedgekeurd die de zogenaamde “carry-back” van fiscale verliezen (= achterwaartse verliesverrekening oftewel vervroegde verliesaftrek) uitzonderlijk zal toestaan ten gevolge van de coronacrisis. Hierdoor wil men vermijden dat een bedrijf dat een verwacht fiscaal verlies zal hebben over het huidige lopende boekjaar, toch belastingen zal moeten betalen over het voorgaande boekjaar. 

Concreet wil dit zeggen dat bedrijven in hun aangifte vennootschapsbelasting van het boekjaar afgesloten tussen 13/03/2019 en 31/12/2020 (hierna “boekjaar N” genaamd) reeds kunnen anticiperen op het verwachte verlies van het daaropvolgende boekjaar (boekjaar N+1) door dit geschatte bedrag als tijdelijk vrijgestelde “COVID-19 reserve” op te nemen en te verrekenen met het te betalen bedrag aan vennootschapsbelasting over het boekjaar N (aanslagjaar 2019, 2020 of 2021 naar gelang de afsluitdatum). De hoogte van de COVID-19 reserve dient zo nauw mogelijk aan te sluiten met (het later te bepalen) finale fiscale verlies over boekjaar N+1 en kan niet hoger liggen dan het belastbaar resultaat over boekjaar N. Een maximale afwijking van 10% zal nadien getolereerd worden zonder een bijkomende belastingvermeerdering of nalatigheidsintresten, een finaal fiscaal verlies over boekjaar N+1 dat lager is dan 90% van de COVID-19 reserve (dus een hogere afwijking dan 10%) zal resulteren in een bijkomende belastingheffing (bijzondere aanslag) incl. toepassing van een nalatigheidsintrest. Men doet er aldus alleszins goed aan om het verwachte verlies niet te hoog in te schatten. 

Het gevolg van deze verrekening is dat men hierdoor reeds gedane voorafbetalingen kan terugkrijgen of alleszins minder vennootschapsbelasting dient te betalen aangaande de aangifte vennootschapsbelasting van het boekjaar N (aanslagjaar 2019, 2020 of 2021). De vrijstelling kan slechts voor één van deze aanslagjaren aangelegd worden en dient het jaar nadien teruggenomen te worden (desgevallend in aanslagjaar 2020, 2021 of 2022). 

De gekende onaantastbaarheidsvoorwaarde (= boekhoudkundige verplichting waarbij vereist wordt dat de vrijgestelde reserve op een afzonderlijke rekening van het passief geboekt wordt en behouden blijft, waarbij dit bedrag niet mag dienen als berekeningsbasis voor welke vergoeding of toekenning dan ook) speelt voor deze carry-back maatregel niet. Men zal aldus de eventueel reeds goedgekeurde jaarrekening voor boekjaar N niet hoeven te wijzigen om de vrijstelling op een afzonderlijke rekening te boeken. 

Uiteraard zijn er bijkomend nog enkele voorwaarden en beperkingen aan deze maatregel verbonden. Zo kunnen bedrijven die tussen 12/03/2020 en de datum van indiening van de aangifte vennootschapsbelasting, dividenden uitkeren, eigen aandelen inkopen of overgaan tot een kapitaalvermindering, niet van de maatregel genieten. Hierdoor vallen bijvoorbeeld bedrijven die bij de algemene vergadering van het boekjaar per 31/12/2019 beslisten tot uitkering van liquidatiereserves, uit de boot. De redenering hierachter is dat de onderneming zichzelf in de eerste plaats moet beschermen door middelen in de vennootschap te houden. 

Ondernemingen die op 18/03/2020 aangemerkt werden als “onderneming in moeilijkheden” kunnen evenmin genieten van de maatregel, aangezien deze tot doel heeft om initieel gezonde bedrijven, financieel gezond te houden. 

3. Sociale werkgeversbijdragen (RSZ)

Groep 1: Indien uw onderneming getroffen is door een opgelegde sluiting vanwege de federale overheid, krijgt u een betalingsuitstel voor de RSZ betalingen tot 15/12/2020. Het gaat meer bepaald om alle door de RSZ geïnde bijdragen (werkgeversbijdragen, werknemersbijdragen en bijzondere bijdragen) en het uitstel krijgt uitwerking voor alle betalingen vanaf 20/03/2020. 

Het uitstel is automatisch van toepassing op de ondernemingen die door de beslissing van de federale overheid verplicht de deuren tijdelijk hebben moeten sluiten (o.a. horeca, ondernemingen die behoren tot de culturele, feestelijke, recreatieve of sportieve sector, etc.). 

Groep 2: Indien uw onderneming niet verplicht gesloten werd door de overheidsmaatregelen, maar u wel "vrijwillig" besloten hebt volledig te sluiten (bijvoorbeeld omdat u de vereisten rond social distancing of andere opgelegde verplichtingen niet kon waarborgen) kan u eenzelfde betalingsuitstel verkrijgen, na het invullen van een verklaring op eer.  

Met "volledige sluiting” wordt bedoeld dat de productie en verkoop is stopgezet. Dit verhindert niet dat er binnen de onderneming nog een beperkt aantal medewerkers actief kunnen zijn omwille van veiligheid, administratie, noodzakelijk onderhoud etc. 

Groep 3: Indien uw onderneming niet gesloten is maar u ten gevolge van de coronacrisis een sterke daling van de economische activiteiten moet optekenen, kan u eveneens bovenvermeld betalingsuitstel aanvragen via een elektronische verklaring op eer. U dient hiervoor te verklaren dat de coronacrisis voor uw bedrijf zal leiden tot:  

- een sterke daling van de omzet in het tweede kwartaal 2020, hetgeen zich voor dit kwartaal zal vertalen in een vermindering van het bedrag van aangegeven BTW met minstens 65 % ten opzichte van het tweede kwartaal 2019 of het eerste kwartaal 2020; en/of 

- een vermindering van de aan de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid aangegeven loonmassa voor het tweede kwartaal 2020 met minstens 65 % ten opzichte van het tweede kwartaal 2019 of het eerste kwartaal 2020; 

Voor meer informatie rond de voorwaarden van deze verschillende types uitstel, het indienen van een verklaring op eer, etc. verwijzen wij graag naar deze website van de RSZ

Een template die u kan gebruiken voor het opmaken van een dergelijke verklaring op eer (= een document waarin u verklaart te voldoen aan de opgelegde voorwaarden voor het bekomen van het uitstel) kan u terugvinden op de website van uw sociaal secretariaat. 

Groep 4: Indien uw onderneming niet onder te brengen is in één van bovenstaande categorieën, maar u wel moeilijkheden ondervindt om de RSZ betalingen uit te voeren, kan u beroep doen op de mogelijkheid om een minnelijk afbetalingsplan aan te vragen (zie volgende vraag voor meer info hierover). 

Let wel: ongeacht er sprake is van een betalingsuitstel of eventuele afbetalingsplannen, blijft de verplichting om de RSZ-aangiften tijdig in te dienen (doorgaans via het sociaal secretariaat). 

Vanaf de periode Q3/2020 zullen opnieuw de normale betalingstermijnen gelden. 

Wanneer u door toedoen van het coronavirus moeilijkheden ondervindt om de werkgeversbijdragen te voldoen die uw vennootschap verschuldigd is op de bezoldiging van haar personeel, dan kan u voor Q1/2020 en Q2/2020 een afbetalingsplan aanvragen voor de RSZ-werkgeversbijdragen die u over deze periode verschuldigd bent.

U kan uw verzoek tot het bekomen van een minnelijk afbetalingsplan via dit online aanvraagformulier (onderaan de webpagina) richten aan de RSZ. Vergeet daarbij zeker niet aan te geven op welke manier uw onderneming door het coronavirus wordt getroffen. 

Bijkomend is het eveneens van belang om uw sociaal secretariaat op de hoogte te brengen van het afbetalingsplan, zodat ze hier rekening mee kunnen houden indien zij instaan voor de doorstorting naar het RSZ.

4. Sociale bijdragen zelfstandigen (RSVZ)

De sociale verzekeringsfondsen hebben beslist om voorlopig geen aanmaningen meer te versturen voor nog niet betaalde sociale bijdragen.

Verder zullen er door de fondsen (Acerta, Xerius, Securex,…) geen verhogingen opgelegd worden omwille van het laattijdig betalen van de sociale bijdragen van Q1/2020 of van de regularisatiebijdragen (regularisaties op het inkomen van 2018) die betaald moeten worden voor einde 03/2020.

Als zelfstandige in hoofdberoep kan u, wanneer u of uw onderneming moeilijkheden ondervindt als gevolg van de coronacrisis, een uitstel vragen van betaling van uw sociale bijdrage voor Q1/2020 en Q2/2020, alsook voor de regularisatiebijdragen die komen te vervallen op 31/03/2020 of 30/06/2020.

De maximumtermijn voor het betalingsuitstel bedraagt 1 jaar. Dit betekent dat u de bijdrage van Q1/ 2020 moet betalen vóór 31/03/2021 en de bijdrage van Q2/2020 vóór 30/06/2021.

De toekenning van dit uitstel zal in beginsel geen effect hebben op de socialezekerheidsrechten en zal ook niet leiden tot verhogingen wegens laattijdige bijdragebetaling. Evenwel is zulks uiteraard op voorwaarde dat de betrokken bijdragen binnen de voorziene termijnen worden betaald (zijnde 31/03/2021 en/of 30/06/2021). Wel dient voorlopig nog voorbehoud gemaakt te worden omtrent de invloed van dit uitstel op de pensioenrechten van de betrokken zelfstandige, hieromtrent is nog onduidelijkheid waardoor het mogelijk zou kunnen zijn dat er voor deze periode in 2020 geen pensioenrechten zouden worden opgebouwd.

Om van deze steunmaatregel gebruik te kunnen maken, is het van belang dat u de aanvraag tot uitstel uiterlijk vóór 15/09/2020 bezorgt aan uw sociaal verzekeringsfonds. Meer informatie over de inhoud van deze aanvraag kan u terugvinden op de website van het RSVZ.

Indien u een uitstel wenst maar uw sociale bijdragen op dit moment betaalt via domiciliëring, is het van belang deze tijdig stop te zetten.

Belangrijk:

Indien u naar aanleiding van een bekomen uitstel besluit om uw sociale bijdrage over Q1/2020 en Q2/2020 te betalen in 2021, heeft dit rechtstreeks ook invloed op uw aangifte personenbelasting voor inkomstenjaar 2020. De sociale bijdragen kunnen in zo een situatie niet in mindering gebracht worden in uw aangifte personenbelasting, doordat deze niet betaald werden in 2020. Aangezien de sociale bijdragen een aftrekbare kost in de personenbelasting zijn heeft dit met andere woorden zijn implicaties op het te betalen, dan wel terug te krijgen bedrag aan personenbelasting. Het is dus goed mogelijk dat u door het aanvragen van een betalingsuitstel sociale bijdragen uw afrekening personenbelasting ongewild verhoogt. De afrekening hiervan volgt vanaf +/- september 2021 (afhankelijk van de snelheid waarmee uw aangifte personenbelasting over inkomsten 2020 ingekohierd wordt).

Als zelfstandige in hoofdberoep kan u ook een vrijstelling van betaling van uw sociale bijdragen aanvragen in het geval u of uw vennootschap kan aantonen dat uw huidige financiële situatie of die van uw vennootschap het niet toelaat om, door toedoen van de coronacrisis, de verschuldigde sociale bijdragen te voldoen.

De vrijstelling kan worden aangevraagd voor de sociale bijdragen van 2020, alsook voor het bijdrage supplement naar aanleiding van een regularisatie. 

Een aanvraag tot vrijstelling kan worden ingediend door middel van het standaardformulier dat u dient te bezorgen aan uw sociaal verzekeringsfonds of via de portaalsite van de sociale zekerheid.

Omdat de aanvraag voor Q2/2020 pas kan worden ingediend op moment dat deze bijdrage door het fonds wordt opgevorderd, is het aan te raden om een aanvraag tot vrijstelling pas nadien in te dienen voor zowel Q1/2020 als Q2/2020.

In principe moeten alle vennootschappen de jaarlijkse vennootschapsbijdrage aan hun sociaal verzekeringsfonds betalen tegen 30/06/2020. Voor kleine vennootschappen bedraagt de bijdrage jaarlijks 347,50 EUR, voor grote vennootschappen is dit 868 EUR. 

Omwille van het coronavirus heeft men voor alle vennootschappen een algemeen uitstel toegekend tot 31/10/2020. 

Alle mogelijke aanpassingen en aanvragen met betrekking tot de sociale bijdragen dienen aangevraagd te worden via uw sociaal verzekeringsfonds (Xerius, Acerta, Liantis,...) en vaak hebben ze hiervoor specifieke online tools.

Indien u hierbij onze assistentie wenst kunnen wij u uiteraard begeleiden. In het merendeel van de gevallen heeft Cynex toegang tot uw klantendossier. Wij werken samen met alle grote sociale verzekeringsfondsen en voor het merendeel van onze klanten hebben wij volmacht om hun individueel dossier te beheren en aanpassingen te doen in het respectieve dossier.

Ook wanneer u zou besluiten om uw loon uit uw vennootschap tijdelijk te laten stop zetten is het steeds mogelijk om u hierin te laten bijstaan door Cynex. 

5. Overbruggingsrecht (RSVZ)

Ook voor zelfstandigen bestaat er een dergelijk systeem, het zogenaamde overbruggingsrecht. Zelfstandigen in hoofdberoep die door het coronavirus hun activiteit verplicht hebben moeten stopzetten ten gevolge van een opgelegde sluiting door de overheid hebben recht op het overbruggingsrecht, ook als zij hun activiteiten nog gedeeltelijk voortzetten (bijv. een restaurant dat nog aan huis levert of een kledingwinkel die nog via de webshop verkoopt). 

Zelfstandigen in hoofdberoep die uit voorzorg sluiten of omdat ze bijvoorbeeld te weinig personeel of klanten hebben, kunnen het overbruggingsrecht genieten, op voorwaarde dat ze minstens gedurende 7 opeenvolgende kalenderdagen hun activiteit stopzetten. Bepaalde activiteiten zijn voor deze groep nog wel toegestaan, bijv. dringende consultaties door (para)medici of dierenartsen, noodzakelijke herstellingen door garagisten, elektriciens, loodgieters etc. De interventie moet met andere woorden hoogstnoodzakelijk zijn met het oog op de veiligheid en hygiëne. 

Deze maatregel geldt ook voor startende zelfstandigen die gestart zijn voor 01/04/2020. 

Zelfstandigen in bijberoep kunnen genieten van het volledige overbruggingsrecht indien hun voorlopige wettelijk verschuldigde sociale bijdragen minstens gelijk zijn aan de minimumbijdragen voor zelfstandigen in hoofdberoep. Indien de voorlopige bijdragen weliswaar te laag zijn (omdat u een starter bent of het geïndexeerd inkomen van drie jaar geleden te laag was) maar uw definitieve bijdragen van 2020 wel gelijk zullen zijn aan de normale bijdragen voor zelfstandigen in hoofdberoep, zal u nadien (retroactief) wel recht hebben op het volledige overbruggingsrecht. U dient in dat geval wel zeker de aanvraag tijdig (zie hierna) in te dienen.

De regering heeft tevens aangekondigd dat zelfstandigen in bijberoep die niet de minimumbijdrage voor zelfstandigen in hoofdberoep betalen en waarvan de definitieve bijdragen ook lager zullen zijn (inkomens onder 13.993,77 EUR) evenzeer zullen kunnen genieten van het overbruggingsrecht, net als gepensioneerden die nog actief zijn als zelfstandige. Het overbruggingsrecht zal de helft bedragen van het gewone overbruggingsrecht (zie hieronder). 

Het overbruggingsrecht kan toegekend worden voor de maanden maart, april, mei en juni indien u voldoet aan de voorwaarden.  

Let wel: indien u eerder het overbruggingsrecht genoot voor de maanden maart, april en/of mei zal dit echter niet automatisch verder lopen (in tegenstelling tot de eerdere verlenging van mei). Indien u voor juni nog steeds aan de voorwaarden voldoet en u het overbruggingsrecht wenst te genieten dient u hiervoor opnieuw een aanvraag in te dienen. De voorwaarden blijven ongewijzigd: 

  1. Indien u een ondernemer bent die ook in juni door de Nationale Veiligheidsraad verplicht gesloten is kan u het overbruggingsrecht genieten, ongeacht het aantal dagen dat u gesloten bent.
  2. Indien u ondernemer bent die in juni minstens 7 dagen lang ‘vrijwillig’ sluit ten gevolge van de coronacrisis (bijvoorbeeld omwille van een verlaagde activiteit) heeft u eveneens recht op deze uitkering.

Zelfstandigen in hoofdberoep of in ‘gelijkgesteld bijberoep’ die kwalificeren ontvangen een uitkering van 1.291,69 EUR (of 1.614,10 EUR met gezinslast) voor de maanden maart, april, mei en/of juni, afhankelijk van in welke maand u uw activiteiten verplicht of vrijwillig voor minstens 7 opeenvolgende dagen onderbreekt. Onderbreekt u uw activiteiten in de vier maanden minstens 7 opeenvolgende dagen? Dan kan u zowel voor maart, april, mei als juni een uitkering overbruggingsrecht krijgen. De uitkering dient als ‘brutobedrag’ beschouwd te worden en zal – bij u als bedrijfsleider/zelfstandige - belast worden als vervangingsinkomen maar is niet onderworpen aan sociale bijdragen. 

Voor de overige zelfstandigen in bijberoep en gepensioneerden gelden bovenstaande regels evenzeer en zal het overbruggingsrecht respectievelijk 645 EUR (zonder gezinslast) en 807 EUR (met gezinslast) bedragen. Voor gepensioneerden zal de som van het pensioen en het ‘halve’ overbruggingsrecht worden geplafonneerd op 1.614 EUR. Dit geldt eveneens voor de zelfstandigen in bijberoep die reeds een vervangingsinkomen ontvangen. In geval van overschrijding zal het maandelijks bedrag van het overbruggingsrecht verminderd worden ten belope van deze overschrijding.

Zelfstandigen die onder de vorm van een vennootschap werken en hun onderneming volledig moeten sluiten omwille van de maatregelen in het kader van het coronavirus, zullen ook recht kunnen hebben op de financiële uitkering. Het feit dat de zelfstandige bedrijfsleider of bestuurder nog bezoldigingen of voordelen alle aard ontvangt van de vennootschap, is geen beletsel om het overbruggingsrecht te genieten. 

Let wel: het is als zelfstandige met een eenmanszaak ‘eenvoudiger’ om te argumenteren dat u de activiteiten hebt moeten stopzetten ten gevolge van de coronacrisis dan als zelfstandige bedrijfsleider van een vennootschap. Vennootschappen zullen immers nog steeds geleid moeten worden tijdens de coronacrisis. Er zijn echter uitzonderingen voorzien voor kleine taken die erop gericht zijn het voortbestaan van de onderneming te verzekeren (bijv. mails, telefoons etc.). Deze activiteiten mag een bedrijfsleider met andere woorden wel nog uitvoeren tijdens de periode waarin hij geniet van het overbruggingsrecht.

U kan dit aanvragen bij uw sociaal verzekeringsfonds vóór het einde van het tweede kwartaal dat volgt op het kwartaal waarin u de zelfstandige activiteit (tijdelijk) heeft stopgezet. Het RSVZ zal uiteindelijk hierover oordelen. De aanvraag kan per mail, post of online gebeuren. De grotere sociaal verzekeringsfondsen zoals Xerius of Acerta voorzien ook online tools op hun website.

Let wel: indien u eerder het overbruggingsrecht genoot en ook in juni nog steeds voldoet aan de voorwaarden, dient u hiervoor een nieuwe aanvraag in te dienen. Het overbruggingsrecht wordt dus niet automatisch verlengd voor juni (in tegenstelling tot de eerdere verlenging van mei).

In uw aanvraag dient u minstens volgende informatie te vermelden:

  • - aanvraag overbruggingsrecht omwille van het coronavirus (dit dient expliciet vermeld te worden);
  • - uw naam, voornaam en woonplaats;
  • - uw klantnummer (veelal het rijksregisternummer);
  • - uw ondernemingsnummer en de naam en zetel van uw bedrijf;
  • - de sector waarin u actief bent met de reden(en) waarom u de activiteiten hebt moeten onderbreken naar aanleiding van het coronavirus;
  • - de periode van onderbreking: de datum dat u stopt met uw activiteiten en eventueel de datum dat u uw activiteiten hervat;
  • - het bankrekeningnummer waarop de uitkering gestort kan worden (dit is uw privé-bankrekeningnummer).

Tevens dienen in de aanvraag de volgende vragen beantwoord te worden:

  • - Heeft u minstens één persoon ten laste (echtgenote, samenwonende, ouder, grootouder, kind,...)? 
  • - Oefent u tijdens de stopzetting of onderbreking van uw zelfstandige activiteit een beroepsactiviteit uit? Of bent u nog mandataris of werkend vennoot in een andere vennootschap?
  • - Krijgt u tijdens de periode van onderbreking een vervangingsinkomen?

De aanvraag van het overbruggingsrecht dient bij het sociaal verzekeringsfonds ingediend te worden. Bepaalde sociaal verzekeringsfondsen hebben hiervoor een tool op de website geplaatst, het alternatief is om dit per mail aan te vragen. Tot voorheen kon Cynex als accountant rechtstreeks voor u de aanvraag indienen. Ten gevolge van een verstrenging van de aanvraagprocedure is dit helaas niet meer mogelijk. U zal bijgevolg de aanvraag zelf moeten indienen waarbij u zich zal moeten identificeren bij de start van de aanvraag. De te doorlopen stappen wijzen gelukkig zichzelf uit. Indien u echter vragen hebt bij de aanvraagprocedure mag u ons uiteraard steeds contacteren.

6. Corona ouderschapsverlof (RSVZ)

Recent heeft men het corona ouderschapsverlof voor zelfstandigen goedgekeurd om tegemoet te komen aan het huidige opvangtekort en de slechts beperkte heropstart van de scholen.  

Indien u als ouder één of meerdere kinderen jonger dan 12 jaar zelf opvangt (indien u een kind met een beperking opvoedt geldt een leeftijdsgrens tot 21 jaar en in sommige gevallen geen leeftijdsbeperking) en u hierdoor uw activiteiten dient te verminderen tijdens de volledige kalendermaand, kan u voor mei en/of juni een ouderschapsuitkering krijgen. Deze uitkering bedraagt 532,24 EUR per maand of 875 EUR voor een eenoudergezin. 

U dient als zelfstandige echter wel aangesloten te zijn in hoofdberoep, als meewerkend partner of als student- zelfstandige. Zelfstandigen in bijberoep en zelfstandigen die actief zijn na hun wettelijke pensioenleeftijd, komen enkel in aanmerking indien hun wettelijk verschuldigde bijdragen gelijk zijn aan de bijdragen van een zelfstandige in hoofdberoep. 

Indien beide ouders zelfstandige zijn, komen ze beiden in aanmerking voor de ouderschapsuitkering.  

Let wel: deze uitkering is niet combineerbaar met andere uitkeringen in het zelfstandigenstelsel zoals bijvoorbeeld het overbruggingsrecht.  

U kan de uitkering aanvragen via uw sociaal verzekeringsfonds, de grotere fondsen zullen hiervoor een tool ter beschikking stellen op hun website. De aanvraag zal ingediend moeten worden voor 30/09/2020.

7. Arbeidsongeschiktheid (ziekenfonds)

Indien u als zelfstandige ziek wordt (ongeacht of de ziekte COVID-19 betreft) en u hierdoor minstens 8 dagen arbeidsongeschikt blijft, zal u vanaf de eerste dag van arbeidsongeschiktheid recht hebben op een arbeidsongeschiktheidsuitkering (ook wel ziekte-uitkering genoemd) via uw ziekenfonds.  

Dit geldt enkel voor zelfstandigen die aangesloten zijn in hoofdberoep en hun sociale bijdragen tijdig hebben betaald. Indien u minder dan 8 dagen arbeidsongeschikt blijft, ontvangt u geen uitkering, dit is de zogenaamde carensperiode. 

Om een uitkering te ontvangen moet u een aangifte indienen bij het ziekenfonds aan de hand van het standaardformulier ‘Getuigschrift van arbeidsongeschiktheid’ dat u op de website van het ziekenfonds kan downloaden.  

Let wel, dit getuigschrift moet worden ingevuld door u en de behandelende arts. Na het invullen en ondertekenen dient u dit getuigschrift binnen de 7 dagen aan het ziekenfonds te bezorgen. 

Door de huidige coronacrisis is het echter moeilijker geworden om op korte termijn een arts te kunnen raadplegen. Consultaties gebeuren vaak telefonisch of worden uitgesteld. Om te vermijden dat u als zelfstandige tijdens uw ziekteperiode zonder inkomen komt te zitten door de langere wachttermijn op het doktersattest, laat men nu de voorwaarde voor de datum van het ziektebriefje vallen. Zelfstandigen zullen bijgevolg een ziekte uitkering krijgen vanaf de dag dat ze ziek werden, niet langer vanaf de dag die vermeld wordt op het doktersattest. De tijdelijke maatregel gaat retroactief in vanaf 01/03/2020 en geldt tot 30/09/2020. 

Hoeveel bedraagt deze arbeidsongeschiktheidsuitkering voor zelfstandigen? 

Het bedrag van de ziekte-uitkering zal afhangen van uw gezinssituatie:  

  • - met gezinslast: 62,08 EUR per dag 
  • - alleenstaande: 49,68 EUR per dag 
  • - samenwonende: 38,10 EUR per dag 

Hierbij worden ook zaterdagen vergoed, per week ontvangt u dus voor 6 dagen een uitkering. 

8. Tijdelijke werkloosheid (RVA)

Er is voor deze bedrijven de mogelijkheid om tijdelijke werkloosheid wegens overmacht aan te vragen via de zogenaamde vereenvoudigde coronaprocedure. Dit is eveneens mogelijk voor toeleveranciers van verplicht gesloten bedrijven die omwille van deze reden hun personeel niet meer kunnen tewerkstellen.  

Dit systeem van tijdelijke werkloosheid kan ook ingeroepen worden voor werknemers die in het buitenland gestrand zijn, in quarantaine verblijven of waarvan familieleden in quarantaine verblijven.

Ook voor dit type bedrijven is het mogelijk om tijdelijke werkloosheid aan te vragen, en dit eveneens onder de vorm van werkloosheid wegens overmacht. Door een recente wijziging (dd. 20/03/2020) is het voorheen bestaande regime van werkloosheid wegens economische redenen uitgefaseerd en kunnen alle bedrijven die last ondervinden door het coronavirus nu beroep doen op de tijdelijke werkloosheid wegens overmacht via de vereenvoudigde coronaprocedure.

 

De uitkering voor tijdelijke werkloosheid bedraagt 70% van het brutoloon. Het brutoloon wordt in deze berekening geplafonneerd tot 2.754,76 EUR (wanneer het brutoloon van de werknemer meer zou bedragen). Op alle uitkeringen van tijdelijke werkloosheid wordt standaard 26,75 % bedrijfsvoorheffing ingehouden en geen sociale zekerheidsbijdrage. Afhankelijk van de uiteindelijke belastingvoet zal de werknemer personenbelasting terugkrijgen of dienen bij te betalen. Bijkomend heeft de regering beslist om aan iedereen die tijdelijk werkloos is ten gevolge van de coronacrisis, een supplement van 5,63 EUR per dag toe te kennen.  

 

Voorlopig werden al een aantal maatregelen genomen om de gezinnen financieel te steunen. Zo zal de Vlaamse Regering alvast voor één maand de water- gas en elektriciteitsfactuur ‘overnemen’ voor alle werknemers die ten gevolge van de coronacrisis tijdelijk werkloos zijn. Concreet zal dit gebeuren in de vorm van een storting van 202,68 EUR rechtstreeks op de rekening van deze werknemers. Zij dienen vervolgens hun reguliere facturen te betalen. 

U kan als werkgever een vergoeding toekennen aan uw werknemers als aanvulling op de uitkering die ze ontvangen naar aanleiding van hun tijdelijke werkloosheid. Deze toegekende vergoeding is eveneens vrijgesteld van sociale bijdragen.   

Van belang is wel dat de vergoeding die u toekent er niet toe mag leiden dat uw werknemer zijn tijdelijke werkloosheidsuitkering verliest. Dit is onder andere het geval wanneer de werknemer door de toekenning van de bijkomende vergoeding meer zou overhouden dan wanneer hij zijn gewoon loon zou ontvangen.  

Tot welk niveau van het verdiende loon u als werkgever bijpast kan u forfaitair bepalen, dan wel door gebruik te maken van een percentage.  

Wil u een bijkomende vergoeding toekennen aan uw werknemers, is het van belang dat u de werknemers die tot eenzelfde categorie behoren gelijk behandelt. Het is dus toegelaten om voor verschillende welomschreven groepen/categorieën van werknemers een andere bijpassing te voorzien, maar alle werknemers binnen eenzelfde categorie moeten wel gelijk worden behandeld.   

Meer informatie over deze additionele vergoeding kan u ook in de FAQ van Acerta terugvinden. 

Aangezien werkloosheidsvergoedingen niet door u als werkgever worden betaald, zal er ook geen vrijstelling bedrijfsvoorheffing meer van toepassing zijn voor de O&O werknemers die tijdelijk werkloos worden. 

Dit heeft echter niet per se een invloed op de O&O percentages die u in de BELSPO aanmelding dient in te vullen. Immers, het is perfect mogelijk dat een werknemer voor de dagen dat hij/zij niet werkloos werd gesteld (en dus wel nog via u als werkgever zijn/haar loon ontvangt) evenveel tijd aan O&O activiteiten spendeert. Hierdoor zal het vrijstellingspercentage aldus hetzelfde blijven. 

Het aanvragen van tijdelijke werkloosheid vereist toegang tot specifieke tools. Hierdoor dient u dergelijke aanvragen te doen via uw sociaal secretariaat (eventueel via hun online payroll-tool) dan wel rechtstreeks via de site van Social Security via uw e-ID. Aangezien uw sociaal secretariaat al over de nodige gegevens beschikt van uw werknemers, is het praktischer en voor u tevens efficiënter om dit rechtstreeks met uw sociaal secretariaat op te nemen. 

Meer info over de mogelijkheden rond tijdelijke werkloosheid en de aanvraagprocedure vindt u ook op de website van de RVA of via uw lokaal RVA-kantoor.

9. Aanmoedigingspremie werknemers (VLABEL)

De Vlaamse overheid kent al langer een aanmoedigingspremie toe aan werknemers van ondernemingen in moeilijkheden wanneer zij beslissen om tijdelijk deeltijds te gaan werken.  

Met de toekenning van deze aanmoedigingspremie tracht de Vlaamse overheid zoveel als mogelijk ontslagen te vermijden. Zij heeft naar aanleiding van de coronacrisis deze aanmoedigingspremie nu ook tijdelijk uitgebreid voor werknemers van ondernemingen die moeilijkheden ondervinden ingevolge de coronacrisis.   

Wanneer u als werkgever kan aantonen dat ingevolge de coronacrisis er een daling van de omzet, de productie of de bestellingen van uw vennootschap heeft plaatsgevonden, kunnen de werknemers die deeltijds worden tewerkgesteld voor de periode van hun tijdelijke arbeidsvermindering de aanmoedigingspremie ontvangen.  

De maandelijkse premie voor uw deeltijdse werknemers bedraagt tussen de 68 EUR en 172 EUR. 

Merk op dat de daling van de omzet, de productie of de bestellingen evenwel minstens 20% moet bedragen. Deze daling wordt beoordeeld in de maand voorafgaand aan de maand van onderbreking ten opzichte van diezelfde maand in het jaar voordien. 

Deze uitbreiding geldt enkel maar voor de periode van 01/04/2020 tot en met 30/06/2020 en dient door uw werknemer zelf aangevraagd te worden. 

Meer informatie over de voorwaarden, het bedrag,... van deze aanmoedigingspremie kan u terugvinden op de website van de Vlaamse Overheid.  

10. Hinderpremie (VLAIO)

Ja, momenteel wordt er onder bepaalde voorwaarden door de Vlaamse Regering een zogenaamde ‘hinderpremie’ voorzien voor bedrijven die in Vlaanderen een fysieke inrichting (onderneming) hebben en verplicht moeten sluiten door de genomen coronamaatregelen. 

De premie bedraagt 4.000 EUR voor bedrijven die verplicht moeten sluiten door de Nationale Veiligheidsraad, een overzicht van deze bedrijven kan u raadplegen via deze site van VLAIO, men zal dit beoordelen op basis van de ingeschreven BTW/RSZ NACEBEL-codes van uw onderneming in de KBO, niet deze van de vestigingseenheid.

Het is hierbij niet mogelijk om de in aanmerking komende codes toe te voegen via het ondernemingsloket. Wel is het belangrijk dat er een vestigingseenheid is ingeschreven in de KBO en alle gegevens correct staan alvorens de hinderpremie wordt aangevraagd. 

Telefonisch deelde VLAIO ons mee dat ondernemers die twijfelen of ze recht hebben op de hinderpremie, deze best wel aanvragen. Of de onderneming al dan niet voldoet aan de gestelde voorwaarden (die overigens steeds wijzigen) wordt nadien alleszins gecheckt door VLAIO aan de hand van de bezorgde gegevens in de aanvraagprocedure. 

Aangezien de overheid besliste om de sluitingsmaatregelen te verlengen en slechts geleidelijk aan uit te faseren, zal er vanaf 06/04/2020 per verplichte sluitingsdag 160 EUR toegevoegd worden aan de hinderpremie. Een verplichte sluitingsdag wordt gezien als een dag die samenvalt met een normale openingsdag zoals de situatie was voor 14/03/2020.

De initiële hinderpremie liep af op 12/06/2020. Ook bedrijven die na deze datum nog verplicht gesloten moeten blijven (denk aan welnesscentra, sauna’s, discotheken e.d.) kunnen nog rekenen op de dagvergoeding van 160 EUR per extra sluitingsdag. 

De federale regering heeft beslist om op deze hinderpremie geen belasting te heffen. 

Voor bedrijven met vestigingen in Wallonië of Brussel gelden er andere steunmaatregelen, zie respectievelijk 1890.be en 1819.brussels.

De premie wordt voor Vlaanderen toegekend per vestiging voor zover in de bijkomende vestigingen telkens minstens één voltijds personeelslid, ingeschreven bij de RSZ tewerkgesteld is/was. Het aantal premies wordt evenwel beperkt tot maximaal 5 per onderneming.

Bijvoorbeeld: indien een onderneming 6 vestigingen verplicht moet sluiten en er voorheen in elke vestigingseenheid minstens één voltijds personeelslid werkte, heeft ze recht op een hinderpremie van 20.000 EUR (5 x 4.000 EUR).

Dit is gelukkig wel toegelaten in combinatie met het ontvangen van de hinderpremie, mits u de goederen die u in uw webshop verkoopt laat leveren aan huis. Het is dus niet toegelaten om online te verkopen en de goederen door de klant fysiek te laten ophalen in uw winkel. Ook als u bestellingen per telefoon/mail opneemt en die bestellingen vervolgens aflevert of door een bezorgfirma laat afleveren bij de klant, behoudt u de hinderpremie. 

Restaurants vormen hierop een uitzondering, zij mogen nog steeds take-away maaltijden verkopen. 

De aanvragen moeten online worden ingediend via deze site van VLAIO binnen de maand na het aflopen van de verplichte sluiting (voorlopig is de deadline 30/06/2020). Om de premie aan te vragen dient u er eerst voor te zorgen dat uw onderneming geregistreerd is op het VLAIO-platform. Hiervoor heeft u uw e-ID en pincode nodig (of een andere digitale sleutel zoals een token dan wel via de itsme app). 

Daarnaast kan de aanvraag nu ook ingediend worden zonder e-ID, door een mail te sturen naar corona@vlaio.be  Men dient in dat geval zeker volgende gegevens te vermelden: 

  • - Ondernemingsnaam en ondernemingsnummer 
  • - Uw naam, voornaam en telefoonnummer (als contactpersoon) 
  • - Betreft het een eenmanszaak of vennootschap? 
  • - Statuut van de zelfstandige 
  • - Gedwongen sluiting: ja/neen? 
  • - Een beschrijving van de activiteit samen met een motivatie/duiding van de situatie 
  • - Vestiging(en) waarvoor u de hinderpremie aanvraagt 
  • - De normale openingsdagen en -uren van de onderneming   
  • - Link naar uw website (facultatief) 
  • - Bankrekeningnummer van de vennootschap waarop de premie mag gestort worden 

Deze mail kan door ons of door uzelf verstuurd worden. Indien u zelf de aanvraag doet mag u ons steeds in cc op de hoogte houden. 

11. Compensatiepremie (VLAIO)

Ook voor sommige ondernemingen die niet verplicht door de overheid gesloten werden (en hierdoor dus geen recht hebben op de hierboven beschreven hinderpremie) voorziet de Vlaamse regering een compensatiemaatregel.  

Er wordt een eenmalige compensatiepremie van 3.000 EUR voorzien voor een aantal categorieën van bedrijven die tussen 14/03/2020 en 30/04/2020 een omzetverlies van meer dan 60 % hebben geleden ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar. Dit zal aangetoond moeten worden door een verklaring op eer. 

Meer bepaald kan u de compensatiepremie aanvragen indien u voldoet aan bovenvermelde omzetdaling én de hoofdactiviteit van uw onderneming op 13/03/2020 in de KBO opgenomen is in deze lijst van NACEBEL-codes, en m.a.w. tot één van de volgende 4 categorieën behoorde: 

  1. de eventsector en de andere ondernemingen die indirect door de sluitingen en afgelastingen ten gevolge van de coronavirusmaatregelen worden getroffen; 
  2. de (para)medische beroepen en technische controle die ten gevolge van de coronavirusmaatregelen alleen nog dringende interventies mogen doen; 
  3. de dienstenleveranciers die ten gevolge van de coronavirusmaatregelen alleen nog dringende interventies mogen doen of waarbij bepaalde werklocaties worden afgesloten; 
  4. de ondernemingen die essentiële diensten leveren. 

Daarnaast is er nog een 5de ‘restcategorie’: bedrijven die niet actief zijn in bovenvermelde sectoren komen enkel in aanmerking indien zij een substantiële exploitatiebeperking ondergaan ten gevolge van de genomen overheidsmaatregelen. De ondernemingen van categorie 5 zullen in hun aanvraag naast de omzetdaling bijkomend moeten motiveren en duiden welke genomen overheidsmaatregelen tot de substantiële exploitatiebeperkingen hebben geleid en hoe deze maatregel de normale uitoefening van het beroep onmogelijk hebben gemaakt. Het causaal verband tussen de omzetdaling én de substantiële exploitatiebeperking met de opgelegde overheidsmaatregelen zal m.a.w. duidelijk aangetoond moeten worden in de verklaring op eer/aanvraag. De bewijsstukken dient u voorlopig niet bij te voegen maar dient u wel 5 jaar ter controle bij te houden. 

Mogelijke argumenten die hierbij kunnen worden aangehaald zijn o.a. dat door social distancing tussen werknemers de onderneming niet op volle capaciteit kan draaien, er een omzetdaling is door verminderde afname van producten/diensten door professionele klanten omdat zij hun zaak hebben moeten sluiten. Loutere omzetdaling door een verminderde vraag die niet gerelateerd is aan de coronacrisis is volgens VLAIO een onvoldoende reden.

Een aantal bedrijven worden specifiek uitgesloten van de compensatiepremie, het gaat over volgende categorieën:  

  • - Holdingvennootschappen
  • - Patrimoniumvennootschappen (verhuur en exploitatie van eigen of geleased niet-residentieel onroerend goed, exclusief terreinen); 
  • Activiteiten van hoofdkantoren
  • - Managementvennootschappen waarvan de zaakvoerder van de onderneming zakelijke diensten verleent aan een onderneming die reeds de compensatiepremie ontving en waarin deze zelfde persoon bestuurder, vennoot of zaakvoerder is;
  • - Ondernemingen die ingevolge de coronavirusmaatregelen verplicht werden de deuren van hun locaties te sluiten (zij hebben immers recht op de VLAIO hinderpremie).

Voorlopig is er nog onduidelijkheid rond de praktische uitwerking van de opgelegde beperkingen. Met name is het nog niet duidelijk naar welke NACEBEL-codes men zal kijken (op niveau van de vennootschap of vestigingseenheid, enkel hoofdcodes of alle codes?). Ook voor managementvennootschappen blijft het voorlopig niet geheel duidelijk of deze hoe dan ook uitgesloten worden of enkel uitgesloten worden indien de operationele vennootschap de compensatiepremie ontvangt. De communicatie die we ontvangen van VLAIO is hierover nog vrij tegenstrijdig. Wel raadt VLAIO aan om bij twijfel de aanvraag wel te doen, aangezien zij de geldigheid nog zullen aftoetsen in de aanvaardingsprocedure. Men heeft dienaangaande laten weten dat er geen sanctie staat op het ‘onterecht’ aanvragen van de steun in twijfelgevallen, zolang de aanvraag correct en naar eer en geweten werd ingevuld.  

Net zoals de hinderpremie, zal de compensatiepremie fiscaal vrijgesteld zijn van belasting voor de ontvangende partij. 

Ook voor de compensatiepremie zal het - analoog aan de hinderpremie – mogelijk zijn om de premie voor maximaal 5 vestigingen aan te vragen. Hoewel er momenteel nog geen duidelijkheid rond is, verwachten we dat dezelfde vereisten zullen gelden, namelijk dat er per bijkomende vestiging telkens minstens één voltijds personeelslid, ingeschreven bij de RSZ tewerkgesteld is. 

Dit zal in eerste instantie dienen te gebeuren aan de hand van een verklaring op eer. Dit is een document waarin u onder andere verklaart dat uw onderneming tussen de periode van 14/03/2020 en 30/04/2020 een omzetverlies heeft opgetekend van minimaal 60% ten opzichte van diezelfde periode vorig jaar (=referentieperiode). Deze vraag zal u tevens gesteld worden in de online aanvraagprocedure. De bewijsstukken dient u voorlopig niet bij te voegen maar dient u wel 5 jaar ter controle bij te houden.

Indien de referentieperiode van 14/03/2019 t.e.m. 30/04/2019 uitzonderlijk een abnormaal lage omzet heeft gekend, mag u deze periode vervangen door een andere referentieperiode. Dit dient specifiek in de aanvraag vermeld en beargumenteerd te worden in een vak voor opmerkingen.

De omzetdaling is de daling van de omzet (excl. btw) ingevolge verminderde prestaties door exploitatiebeperkingen opgelegd door de Nationale Veiligheidsraad, dus niet door uitgestelde facturatie. De omzetdaling wordt aangetoond op basis van één van volgende elementen:

  • - Dagontvangsten 
  • - Geleverde prestaties 
  • - Tijdsregistratie 

Aangezien de maatregel recent fundamenteel is gewijzigd ten opzichte van toen deze initieel aangekondigd werd, hebben we de door ons opgestelde template van een verklaring op eer terug offline gehaald. Temeer omdat de aanvraag volgens de meest recente communicatie, niet meer per mail aangevraagd kan worden.

Voor starters zal er geen referentieperiode voorhanden zijn, voor hen dient men de werkelijke omzet te vergelijken met de omzet die vooropgesteld werd in het financieel plan dat werd neergelegd bij oprichting. Indien er geen financieel plan opgesteld werd (wegens niet verplicht) mag dit (retroactief) opgesteld worden mits het vooropstellen van normale omstandigheden. 

Nadien zal de omzetdaling door VLAIO geverifieerd worden met de BTW-aangifte van Q2/2020. Aangezien de referentieperiode niet idem is aan het volledige kwartaal zal men bij deze controle in eerste instantie kijken of er een voldoende grote globale omzetdaling is op kwartaalbasis. Alleszins raden we ten zeerste aan om zoveel mogelijk bewijsstukken, mails, etc. bij te houden die kunnen staven dat bepaalde omzet van vóór de lockdownperiode dateert en dus uit de referentieperiode valt.

De premie is eveneens van toepassing voor zelfstandigen in bijberoep op voorwaarde dat ze sociale bijdragen betalen zoals zelfstandigen in hoofdberoep. Indien dit niet het geval is, kunnen ze aanspraak maken op een premie van 1.500 EUR op voorwaarde dat ze niet meer dan 80% als werknemer aan de slag zijn. 

De compensatiepremie kan niet gecumuleerd worden met: 

  • - de corona hinderpremie; 
  • - achtergestelde leningen in het kader van de coronavirusmaatregelen bij PMV; 
  • - de gigarantwaarborg verleend door PMV ten gevolge van de coronavirusmaatregelen; 
  • - de sluitingspremie ingevolge hinder openbare werken voor de periode van 14/03/2020 tot 30/04/2020. 

 

De compensatiepremie kan slechts op één manier worden aangevraagd, zijnde via de aanvraagapplicatie op de website van VLAIO. U vindt hier de te doorlopen stappen om u aan te melden bij het VLAIO portaal en daarnaast kan deze handleiding u doorheen de eigenlijke aanvraag gidsen. De uiterlijke indieningsdatum is 30/06/2020. 

Initieel kondigde men aan dat de compensatiepremie ook aangevraagd zou kunnen worden via mail, maar voorlopig wordt hier geen melding meer van gemaakt. Hierdoor is de online applicatie de enige methode. Indien u vragen heeft of moeilijkheden ondervindt bij de aanvraag mag u ons uiteraard steeds contacteren. 

De aanvullende compensatiepremie werd in het leven geroepen om ondernemingen te ondersteunen die wel al open zijn en de activiteiten heropgestart hebben, maar nog een zwaar omzetverlies ervaren. De aanvullende compensatiepremie bedraagt 2.000 EUR (1.000 EUR voor zelfstandigen in bijberoep). 

Om als onderneming in aanmerking te komen dient men in de eerste plaats ook in aanmerking te komen voor de initiële compensatiepremie of hinderpremie (zie voorwaarden hierboven) en dient men de activiteiten effectief heropgestart te hebben.  

Verder dient men een omzetverlies van minstens 60% te lijden in de periode van 1 maand na heropening ten opzichte van een referentieperiode vorig jaar (aan te tonen via dagontvangsten, geleverde prestaties of tijdsregistratie). Voor winkels gaat het om de periode van 11 mei tot 11 juni, voor horecaondernemingen gaat het om de periode van 8 juni tot 8 juli.

Voorlopig kan deze aanvullende premie nog niet aangevraagd worden. Men vermoedt dat dit ergens in de tweede helft van juli mogelijk zal worden. Indien u op de hoogte gehouden wilt worden hierover, kan u zich inschrijven via deze link

12. Onroerende voorheffing (VLABEL)

Ja, de aanslagbiljetten onroerende voorheffing voor bedrijven zullen dit jaar later uitgestuurd worden om te voorkomen dat bedrijven in liquiditeitsproblemen zouden komen. Concreet zullen deze pas vanaf september 2020 uitgestuurd worden (in plaats van mei 2020).

Meer info over de genomen coronamaatregelen van de Vlaamse Belastingdienst kan u raadplegen via hun website.

13. Verkeersbelasting (VLABEL)

Dit is inderdaad mogelijk, voor wagens ingeschreven door ondernemingen en eenmanszaken met BTW-nummer zal er automatisch een betalingsuitstel worden gegeven van 4 maanden wanneer de uiterlijke betalingsdatum op het aanslagbiljet na 15/03/2020 ligt. Het uitstel geldt voor de verkeersbelasting zelf en er zullen gedurende de periode van uitstel ook geen nalatigheidsintresten verschuldigd zijn. Belangrijk is evenwel dat de verkeersbelasting betaald moet zijn binnen het jaar.

Aanslagbiljetten verkeersbelasting die nog uitgestuurd moeten worden zullen automatisch deze bijkomende 4 maanden uitstel vermelden.

Let wel, dit automatisch uitstel geldt dus niet voor uiterlijke betalingsdata die vallen voor 15/03/2020. Hiervoor kunnen bedrijven wel altijd een afbetalingsplan aanvragen. Het werd ook bevestigd dat VLABEL hierin soepeler zal zijn. Voorlopig moet dit afbetalingsplan bij de Dienst Verkeersbelasting aangevraagd worden met enige bewijs dat betaling momenteel niet mogelijk is (alle bewijs is toegelaten en hiermee wordt naar verluidt soepel omgegaan).

Particulieren krijgen geen uitstel. Wel zijn particulieren in de mogelijkheid om een afbetalingsplan aan te vragen en dienen zij hierbij enig bewijs toe te voegen omtrent de reden van laattijdige betaling (bijv. hun tijdelijk werkloosheid).

Meer info over de genomen coronamaatregelen van de Vlaamse Belastingdienst kan u raadplegen via hun website.

14. Waarborgregelingen

Bij vragen omtrent waarborgmogelijkheden dient u best steeds contact op te nemen met uw bank of leasingmaatschappij. Zij beslissen na analyse of uw financiering in aanmerking komt.

Wij kunnen u mogelijks bijstaan bij het opstellen van het aanvraagdossier. Meer info kan u vinden via de website van PMV/Z.

De federale regering trekt een budget van 50 miljard EUR uit om de nieuwe kredieten die banken tussen nu en 30/12/2020 verstrekken aan levensvatbare ondernemingen te waarborgen. Het gaat hierbij enkel over kredieten met een maximumlooptijd van 12 maanden verstrekt aan ontleners die geen betalingsachterstand hadden op 01/02/2020 of op 29/02/2020 een betalingsachterstand hadden van minder dan 30 dagen.  

Merk op dat de overheid recent heeft besloten om bovenstaande regeling te versoepelen zodat ook leningen met een langere looptijd op garanties kunnen rekenen. Zo zouden KMO’s  nu ook garanties kunnen krijgen voor leningen met een looptijd van maximaal drie jaar. Daarnaast zou ook de voorwaarden inzake betalingsachterstand worden geschrapt zodat meer bedrijven aanspraak kunnen maken op de steun. Officiële berichtgeving hieromtrent dient evenwel nog te volgen. 

Omwille van deze steunmaatregel zullen banken ook in deze economisch moeilijke tijden nog steeds leningen verstrekken. Het loont dus zeker om te informeren bij uw bank indien u kortlopende kredieten nodig heeft.  

De Vlaamse Regering heeft besloten de huidige ‘generieke’ Waarborgregeling bij PMV/Z (Participatiemaatschappij Vlaanderen) uit te breiden tot het einde van het jaar en de capaciteit ervan te verhogen met 100 miljoen EUR met de optie om dit budget op te trekken indien nodig.  

Meer bepaald kan u hierdoor in deze crisisperiode ook voor niet-bancaire leveranciersschulden (tot 12 maanden oud), uw zogenaamd werkkapitaal, een overbruggingskrediet van de bank laten waarborgen door PMV/Z. Bovendien halveert de kost van de waarborg voor de ondernemer: met de crisiswaarborg gaat die naar 0,25%. 

Hierbij is het wel van belang dat men kan aantonen dat de financieringsvraag het gevolg is van de coronacrisis. Meer info over deze waarborgregeling kan u raadplegen via deze site van PMV/Z

De waarborgregeling voor grote bedrijven, de zogenaamde Gigarant (waarborgen boven 1,5 miljoen EUR), wordt eveneens uitgebreid en flexibeler in de markt gezet. Men heeft hiervoor de waarborgcapaciteit verhoogd tot 3 miljard EUR. 

Verder zal PMV/Z een bijkomend arsenaal aan financiële middelen inzetten om het economische leed voor de bedrijven te helpen verzachten door zelf leningen te verschaffen (zie voor meer info hieronder onder het topic “Leningen en verzekeringen”). 

Wie reeds via PMV/Z gebruik maakt van de Startlening, Cofinanciering en Cofinanciering+ krijgt een betalingsuitstel van 3 maanden en dit zal indien nodig uitgebreid worden tot 6 maanden. 

Als kredietgever van een Winwinlening kan u ten gevolge van de coronacrisis een uitstel verlenen op de terugbetaling van kapitaal of intresten. Hoe dit concreet in zijn werk gaat kan u nalezen op deze site van PMV/Z

15. Leningen, investeringen en verzekeringen

Particulieren met een hypothecaire lening kunnen onder bepaalde voorwaarden, voor zowel de maandelijkse kapitaalaflossingen als de rentebetalingen, uitstel van betaling aanvragen voor dit krediet bij hun bank.  

Als kredietnemer dient u wel te kunnen aantonen dat u door toedoen van het coronavirus in liquiditeitsnood zit.  

Het betalingsuitstel dat u als kredietnemer van de bank bekomt houdt in dat u tot eind 2020 uw krediet (zowel kapitaal als interest) niet moet afbetalen. De looptijd van uw krediet zal als gevolg van het bekomen betalingsuitstel worden verlengd met eenzelfde termijn.  Uw krediet zal met andere woorden langer lopen dan oorspronkelijk voorzien.  

Een betalingsuitstel zal evenwel enkel maar worden toegekend aan de particulieren die aan bepaalde voorwaarden voldoen. Het betreft een viertal voorwaarden die onder andere betrekking hebben op uw opgebouwde financiële buffer. U kan deze voorwaarden hier terugvinden. Merk op dat het betalingsuitstel maar uiterlijk tot 31/10/2020 zal worden toegekend.

Noteer wel dat eens de periode van uitstel achter de rug is, de terugbetalingen van uw krediet zullen hernemen volgens een aangepaste maandlast als gevolg van een verrekening van de uitgestelde interesten. Dit zal niet het geval zijn indien het netto maandinkomen van uw gezin lager is dan of gelijk aan 1.700 EUR.  

Denkt u aan de opgelegde voorwaarden te voldoen en wil u van dit uitstel gebruik maken, kan u best uw bankkantoor hiervoor contacteren.  

Meer informatie over dit betalingsuitstel kan u ook terugvinden op de website van Febelfin.  

Analoog aan het bovenstaande geldt dit eveneens voor zogenaamde sociale leningen aangegaan bij het Vlaams Woningfonds. De voorwaarden en modaliteiten hieromtrent lopen gelijk met de reguliere hypotheekleningen. Meer info vindt u via deze site van het Vlaams Woningfonds

De Vlaamse overheid heeft ook bevestigd dat de verlenging van de looptijd van uw lening, als gevolg van het aangevraagde uitstel, geen gevolgen zal hebben voor de eventuele woonbonus die u in uw fiscale aangifte personenbelasting geniet.  

Wie met andere woorden uitstel vraagt voor de maandelijkse aflossingen van zijn hypothecair krediet, zal voor deze (later) betaalde kapitaal –en interestaflossingen toepassing kunnen maken van de woonbonus.   

Assuralia, de beroepsvereniging voor verzekeringsondernemingen heeft in dit kader via hun website een aantal steunmaatregelen gecommuniceerd. 

Vooreerst zal men voor ondernemingen die (bepaalde) werknemers tijdelijk werkloos hebben moeten stellen, de waarborgen inzake pensioenen, uitkeringen bij overlijden, invaliditeit en hospitalisatie in het kader van groepsverzekeringen nog steeds handhaven. Concreet wil dit zeggen dat uw tijdelijk werkloze werknemers tijdens deze periode nog steeds de bescherming van het groepscontract kunnen genieten (ook al zou dit in principe niet het geval zijn voor deze werknemers omdat hun arbeidsovereenkomst tijdelijk geschorst is). Bijkomend wordt aan deze werkgevers een uitstel verleend tot 30/09/2020 voor de betalingen van deze verzekeringspremies. 

Analoog aan het betalingsuitstel dat op aanvraag door banken kan worden verleend, zal dit eveneens gelden voor hypothecaire leningen afgesloten bij verzekeraars en zal dit ook aangevraagd kunnen worden voor de premies van de daaraan gekoppelde schuldsaldoverzekeringen. Bovendien kunnen particulieren die tijdelijk werkloos zijn gesteld, een betalingsuitstel aanvragen voor de brandverzekering gekoppeld aan hun hypotheeklening. 

Voor ondernemingen waarvan de activiteit stilvalt omwille van de regeringsmaatregelen, zullen meerdere verzekeringen zich automatisch aanpassen aan het stilliggen van de activiteit. Zo zal er inzake arbeidsongevallen en burgerlijke aansprakelijkheid hoe dan ook een lagere eindafrekening volgen in verhouding tot de mindere loonmassa of omzet. Voor andere verzekeringspolissen kan het opportuun zijn om deze te laten schorsen, maar dit dient u steeds af te stemmen met uw verzekeraar of tussenpersoon. Het is immers noodzakelijk dat uw onderneming ook in deze tijden nog gedekt is voor algemene risico’s zoals brand, stormen, claims van derden etc. 

De bedrijven die verplicht gesloten werden door de overheid kunnen op aanvraag een betalingsuitstel genieten voor al hun verzekeringspremies die vervallen tussen 30/03/2020 en 30/09/2020.  

Verder raden we ten zeerste aan om bij financiële moeilijkheden contact op te nemen met uw verzekeraar of tussenpersoon zodat er een geschikte oplossing gevonden kan worden. Assuralia heeft zich in dit kader ertoe verbonden aan de bedrijven en particulieren financiële ademruimte te verlenen. 

De Vlaamse regering heeft hiervoor een specifieke steunmaatregel uitgewerkt waardoor huurders een lening kunnen aangaan bij PMV/Z voor een maximum van 2 maanden huur (maximumbedrag 35.000 EUR) op voorwaarde dat de verhuurder ook 1 of 2 maanden huur kwijtscheldt (via overeenkomst vast te leggen).

De terugbetalingen van de lening dienen pas te starten na 6 maanden en de lening zelf zal een maximumduurtijd hebben van 18 maanden. De rente inclusief bankkosten zal 2% bedragen.

Let wel: enkel ondernemers die hun fysieke winkel/handelszaak/horecazaak verplicht hebben moeten sluiten kunnen gebruik maken van deze premie (analoog aan de VLAIO hinderpremie). Bovendien mag de huurder geen huurachterstallen gehad hebben op 15/03/2020. 

Om zich te kunnen beroepen op deze steunmaatregel dient er uiterlijk voor 01/10/2020 een aanvraag te worden ingediend via de website van VLAIO

Voor meer info hierover verwijzen wij u graag door naar uw financiële instellingen, zij zullen als tussenpersoon optreden en de aanvraag behandelen, instaan voor de betalingen en het opvolgen van de terugbetaling.  Verder kan u meer info hierover vinden via de website van VLAIO en PMV/Z.

De Vlaamse regering heeft de oprichting van een welvaartsfonds aangekondigd. Dit is een fonds waarin particulieren kunnen investeren door middel van het aankopen van aandelen in het fonds. In ruil hiervoor krijgt de investeerder een belastingvoordeel van 2,5% gedurende drie jaar, met een maximum van 1.000 EUR in totaal. Daarnaast is er een voordeel op het vlak van erfbelasting, zo zal er slechts 3 percent belasting verschuldigd zijn bij overlijden. Naast de particuliere investeringen zal de Vlaamse regering ook bijdragen aan het fonds via PMV/Z. 

Het geld uit het fonds zal besteed worden aan Vlaamse bedrijven via kapitaalinjecties en achtergestelde leningen die zullen lopen over een termijn van meer dan 4 jaar. De Vlaamse regering zal het geld voornamelijk investeren in beginnende bedrijven maar ook “innovatieve” bedrijven en Vlaamse takken van internationale ondernemingen die zelfstandig willen worden. 

Meer informatie over de maatregel kan u vinden via de website van PMV/Z. U kan zich hier ook inschrijven om als bedrijf op de hoogte gehouden te worden indien u interesse heeft in een kapitaalinjectie of achtergestelde lening. 

Dit betreft een variant op de hierboven beschreven win-winlening, waarbij men als particulier kan investeren in een KMO, een coöperatieve of een burgerinitiatief door het verwerven van aandelen (in tegenstelling tot het verstrekken van een lening). Men kan hierbij tot maximaal 75.000 EUR investeren waarvoor u 5  jaar lang een fiscaal voordeel van 2,5% per jaar zal ontvangen. Per onderneming kan men op deze manier 300.000 EUR ophalen.  

In hoofde van de investeerder zijn er echter wel wat voorwaarden, deze mag in de eerste plaats geen werknemer, echtgenoot of wettelijk samenwonende partner of bestuurder/zaakvoerder zijn. Daarnaast mogen er in de 2 voorafgaande jaren en gedurende de vijfjarige periode na investering, geen kapitaalverminderingen worden doorgevoerd. Er mogen wel dividenden worden uitgekeerd indien de onderneming succesvol is en winsten maakt.  

Het is eveneens mogelijk om een bedrijf te steunen door een deel win-winaandelen te verwerven en daarnaast een win-winlening te verstrekken. De begrenzingen per kredietgever en per ondernemingen blijven echter dezelfde en mogen dus niet worden gecumuleerd.  

Om de potentiële particuliere investeerder bij een kapitaalverhoging of -inbreng te beschermen zal overeenkomstig de vennootschapswetgeving een verslag moeten worden opgesteld over de uitgifteprijs van de aandelen. Dit verslag moet een positief oordeel hebben gekregen van een bedrijfsrevisor of extern accountant. 

Meer informatie over de maatregel kan u vinden via de website van PMV/Z.

Niet-financiële ondernemingen, KMO’s, zelfstandigen en non-profitorganisaties die kunnen aantonen dat ze in liquiditeitsnood zijn door toedoen van het coronavirus, kunnen betalingsuitstel vragen aan de bank voor de maandelijkse aflossingen van hun bedrijfskredieten.  

Een betalingsuitstel dat door de bank wordt toegekend aan uw onderneming/organisatie in het kader van de coronacrisis houdt in dat uw onderneming/organisatie tot eind 2020 geen kapitaalaflossingen moet voldoen. Dit uitstel heeft geen betrekking op de interesten, deze blijven gewoon verschuldigd. Van zodra het bekomen uitstel is afgelopen, hernemen de kapitaalaflossingen terug. Als gevolg van het uitstel zal evenwel de looptijd van het krediet worden verlengd met de periode van het bekomen uitstel.     

Naast enkele voorwaarden waaraan uw onderneming dient te voldoen opdat zij gerechtigd is tot het bekomen van een betalingsuitstel, deze voorwaarden kan u via deze link raadplegen, wordt het uitstel bijkomend ook enkel maar toegestaan aan “levensvatbare” ondernemingen/organisaties.  

Onder “levensvatbaar” verstaat de federale regering de ondernemingen en organisaties die op datum van 1/02/2020 geen betalingsachterstand hadden of op datum van 29/02/2020 een betalingsachterstand hadden van minder dan 30 dagen. Deze achterstallen hebben zowel betrekking op de lopende kredieten van de onderneming, alsook op eventuele achterstallen inzake belastingen en sociale zekerheidsbijdragen.   

Merk evenwel op dat de overheid recent heeft aangegeven de voorwaarde inzake betalingsachterstand te schrappen zodat meer bedrijven aanspraak kunnen maken op de steun. Officiële berichtgeving hieromtrent dient evenwel nog te volgen.    

Mits uw onderneming aan de opgelegde voorwaarden voldoet, kan zij betalingsuitstel vragen voor onder andere haar ondernemingskredieten met een vast aflossingsplan, haar kaskredieten en haar vaste voorschotten. U neemt hiervoor best contact op met uw bankkantoor.    

Merk op dat het betalingsuitstel dat aan uw onderneming/organisatie zal worden toegekend maar uiterlijk tot 31/12/2020 zal lopen. Besluit u dus om de aanvraag pas in juli in te dienen, kan uw onderneming nog slechts 5 maanden uitstel bekomen. Betalingsuitstel zal daarnaast ook enkel maar voor de toekomstige maandaflossingen kunnen worden toegekend. 

Meer informatie over dit betalingsuitstel voor uw onderneming kan u ook terugvinden op de website van Febelfin.  

Enerzijds kan u uiteraard beroep doen op uw financiële instelling om een krediet aan te gaan voor uw werkkapitaalbehoeften op kortere termijn. Anderzijds is er voor heel wat bedrijven echter ook nood aan financiering en financiële ademruimte op middellange termijn. 

Daarom heeft de Vlaamse regering 250 miljoen EUR vrijgemaakt om via PMV/Z achtergestelde leningen toe te kennen aan KMO’s met een looptijd van 3 jaar en een verlaagde rentevoet. Meer bepaald zal men zich focussen op start- en scale-ups die belangrijk zijn voor de toekomst van onze economie en nood hebben aan een versterking van hun eigen vermogen.   

De langere termijn van 3 jaar biedt een overbruggingsperiode om enerzijds de omzet en cashflow terug op peil te krijgen en anderzijds om potentiële investeerders of financiers terug voldoende risico-appetijt te geven. Door het achtergestelde karakter zal het aangaan van deze lening nog voldoende zekerheden bieden voor bijkomende kredieten bij financiële instellingen. 

Meer info over de aanvraag kan u vinden via deze site van PMV/Z

Daarnaast heeft de Vlaamse regering beslist om de reeds gekende win-winlening tijdelijk uit te breiden ten gevolge van de coronacrisis. De win-winlening betreft een lening van particulieren (vaak familie of vrienden) aan KMO’s die in Vlaanderen gelegen zijn. De leninggever ontvangt naast de rente van de leningnemer (1,75%)  ook steun van de overheid in de vorm van een belastingkrediet van 2,5% in de personenbelasting en de overheidsgarantie dat hij een deel van zijn/haar kapitaal kan recupereren indien de KMO in financiële moeilijkheden zou komen. 

De tijdelijke corona-uitbreiding uit zich in volgende elementen: 

  • - Verhoging van maximaal leenbedrag per kredietgever van 50.000 EUR naar 75.000 EUR; 

  • - Verhoging van maximaal leenbedrag per kredietnemer van 200.000 EUR naar 300.000 EUR; 

  • - Verhoging overheidswaarborg van 30% naar 40%; 

  • - Ook kleine aandeelhouders (max. 5% van de aandelen) zullen een win-winlening kunnen geven; 

  • - Meer flexibiliteit in de looptijd: tussen de 5 en de 10 jaar (voorheen vast 8 jaar); 

  • - Leningen die in 2020 aflopen kunnen vrijwillig met 2 jaar verlengd worden. 

 

Rond het toekennen van een betalingsuitstel voor de maandelijkse aflossingen van roerende leasingcontracten (voor bijvoorbeeld: wagen, rollend materieel, machines...) is er op heden nog niets voorzien.  

Doch kan u, onder andere voor leasingcontracten afgesloten bij een financiële instelling, een gelijkaardig betalingsuitstel als dit dat recent in een sectoraal akkoord werd voorzien voor onder andere ondernemingskredieten aanvragen bij uw leasingmaatschappij.    

16. Overige vragen

De minister van Justitie heeft bekend gemaakt dat de voorwaarden voor de organisatie van de aandeelhoudersvergaderingen, onder andere naar aanleiding van de goedkeuring van de cijfers over boekjaar 2019, worden versoepeld. De concrete krijtlijnen van deze voorziene versoepelingen zijn in tussentijd bekendgemaakt. 

Het betreft specifieke maatregelen aangaande de algemene vergadering van aandeelhouders (zowel de gewone, de bijzondere als de buitengewone) en de vergaderingen van het bestuursorgaan die (voorlopig) uitwerking hebben van 1/03/2020 tot 30/06/2020 en van toepassing zijn op:  

- alle vergaderingen die tussen 01/03/2020 en 30/06/2020 worden bijeengeroepen (ook indien de vergadering zelf plaats zou vinden na 3 mei);
- alle vergaderingen die tussen 09/04/2020 en 30/06/2020 moeten worden gehouden; 
- alle vergaderingen die tussen 01/03/2020 en 09/04/2020 hadden moeten zijn gehouden op grond van een wettelijke of statutaire regel, maar niet gehouden zijn. 

Deze maatregelen gelden niet voor de algemene vergaderingen en de bestuursvergaderingen die reeds effectief hebben plaatsgevonden tussen 1/03/2020 en 09/04/2020. 

Een eerste versoepeling bestaat er in de vergadering toch te laten plaatsvinden, weliswaar door de fysieke vergadering in te wisselen voor een vergadering op afstand (schriftelijk of virtueel), waarbij de aandeelhouders op voorhand hun stemkeuzes en vragen dienen door te geven.  

Ondernemingen krijgen tijdelijk de mogelijkheid om aan de deelnemers van de vergadering de verplichting op te leggen om vanop afstand te stemmen en/of een volmacht te verlenen aan een persoon, waarbij het bestuursorgaan deze persoon kan aanduiden. Hierbij is het niet noodzakelijk dat er hieromtrent statutair iets is voorzien. Het gebruik maken van een communicatiemiddel voor het organiseren van de vergadering op elektronisch wijze zodat deze toch kan worden bijgewoond door de leden is daarbij toegelaten, mits bepaalde voorwaarden worden nageleefd en dit ongeacht of u dit in de statuten van uw onderneming heeft voorzien. 

Indien u reeds een bijeenroeping van de vergadering heeft bekendgemaakt of verstuurd, kan u deze in het licht van bovenstaande maatregel nog wijzigen zonder dat daarvoor de gebruikelijke bijeenroepings- en deelnemingsformaliteiten opnieuw moeten worden nageleefd. 

Een tweede mogelijkheid waarin de regering voorziet is het verplaatsen van de algemene vergadering, die in principe vóór 30/06/2020 moet samenkomen, naar een later tijdstip.

Ondernemingen krijgen daarbij van de overheid tot 10 weken uitstel vanaf de uiterste datum waartegen de vergadering in normale omstandigheden had moeten plaatsvinden (voor 30/06/2020 voor boekjaren per 31/12), zodat deze vergadering alsnog op een normale manier zou kunnen plaatsvinden. Ook indien u reeds een bijeenroeping van de vergadering heeft verstuurd, kan u nog van dit uitstel gebruik maken.  

Van belang is dat wanneer u gebruik wil maken van een van deze alternatieven, u de leden van de algemene vergadering hierover correct moet informeren. Daarnaast zijn bovenstaande bijzondere maatregelen facultatief. Indien u bijgevolg alle geldende veiligheidsmaatregelen kan garanderen, kan u er ook voor kiezen om volgens de “normale” regels te vergaderen.  

Opdat een waardevermindering op handelsvorderingen vrijgesteld kan worden van belastingen, is het o.a. van belang dat het verlies geïdentificeerd kan worden en dat de waarschijnlijkheid van het verlies blijkt uit bijzondere omstandigheden die zich hebben voorgedaan tijdens het jaar. Het verlies mag met andere woorden dus geen betrekking hebben op een louter algemeen risico.  

De belastingadministratie heeft recent, als reactie op de situatie die is ontstaan door de huidige coronacrisis, enkele verduidelijkingen gepubliceerd omtrent deze regeling ten aanzien van de waardeverminderingen die ontstaan op handelsvorderingen naar aanleiding van de huidige crisis. 

Zo verduidelijkt de belastingadministratie dat betalingsmoeilijkheden van klanten, die rechtstreeks of onrechtstreeks zijn ontstaan als gevolg van de genomen maatregelen door de overheid als reactie op de verspreiding van het coronavirus, als een bijzondere omstandigheid kunnen worden gekwalificeerd.  

Bijgevolg kunnen de waardeverminderingen die worden uitgedrukt op de handelsvorderingen van een klant, die door toedoen van de coronacrisis (voorlopig) niet meer instaat is zijn schulden te betalen, als vrijgestelde waardeverminderingen worden behandeld.

Doorgaans wordt er een gerechtelijke reorganisatieprocedure opgestart voor de Ondernemingsrechtbank wanneer een Belgische onderneming zich in financiële moeilijkheden bevindt.   

Om een stormloop hiervan te vermijden heeft de regering het voorstel gedaan om voor ondernemingen die tot vóór 18 maart nog geen financiële moeilijkheden ondervonden, maar door toedoen van de coronacrisis zich nu in moeilijk vaarwater bevinden, een tijdelijke bescherming te voorzien als schuldenaar tegen inbeslagnemingen en faillissementsverklaringen en dit minstens tot 17/06/2020. 

Indien uw onderneming onder de nieuwe insolventiewetgeving van 1/05/2018 valt en door toedoen van de coronacrisis in slechte papieren is geraakt, dan kan zij automatisch en tijdelijk van een wettelijke opschorting genieten. Deze tijdelijke opschorting houdt in dat:  

- uw onderneming tijdelijk beschermd is tegen inbeslagnames;
- uw onderneming tijdelijk niet failliet verklaard kan worden op verzoek van haar schuldeisers (faillietverklaring kan wel op verzoek van het Openbare Ministerie, of mits akkoord van de schuldenaar);
- de lopende overeenkomsten tijdelijk niet beëindigd kunnen worden wegens wanbetaling;
- uw onderneming tijdelijk niet verplicht is aangifte van faillissement te doen.  

Merk wel op dat de voorzitter van de bevoegde Ondernemingsrechtbank te alle tijde, op verzoek van de schuldeiser, de tijdelijke opschorting kan opheffen. Het is dus allerminst een vrijgeleide voor ondernemingen om de situatie te misbruiken.  

Bevond uw onderneming zich daarnaast vóór 18 maart reeds in een staat van faillissement, zal zij ook niet kunnen genieten van deze tijdelijke opschorting.

In een gewone situatie wordt het schenken van goederen op het vlak van BTW beschouwd als een ‘onttrekking’ waardoor u hierop BTW dient te betalen, net zoals bij een standaard levering van goederen waarop u als onderneming initieel de BTW aftrek hebt genoten.   

De regering heeft nu echter een tijdelijke maatregel ingevoerd waardoor men geen BTW zal heffen op schenkingen van medische hulpmiddelen en hulpstukken (instrumenten, toestellen, apparaten, software), beschermingsmiddelen voor zorgverstrekkers en patiënten (mondmaskers, beschermkledij, zepen en handgels) tijdens de periode 01/03/2020 tot 30/06/2020. 

Let wel: de schenking van geneesmiddelen valt hier niet onder. 

Bijkomend is het vereist dat de schenking wordt gedaan aan ziekenhuizen (ook ziekenhuisassociaties en –groeperingen) of zorginstellingen. 

Als bewijs dat de voorwaarden van deze transactie voldaan zijn, dient er een document opgemaakt te worden in tweevoud waarvan elke partij verklaart het zijne te hebben ontvangen, met bevestiging door de ontvanger dat de goederen gratis werden verkregen voor het gebruik van een zorginstelling, met datering en ondertekening door beide partijen. 

Daarnaast heeft men beslist dat de schenkingen die voldoen aan bovenvermelde voorwaarden voor ondernemingen niet gezien zullen worden als een belastbaar ‘abnormaal goedgunstig voordeel’ en dat de kosten die gedragen werden voor de aankoop of productie van de geschonken goederen wel fiscaal aftrekbaar zijn in de aangifte vennootschapsbelasting.   

Voor natuurlijke personen of zelfstandigen (zij worden belast via de personenbelasting) aanvaardt men tijdelijk dat dergelijke schenkingen zogenaamde ‘giften in natura’ zijn waarvoor er een belastingvermindering van 45% van toepassing is. Het begunstigde ziekenhuis zal hiervoor een fiscaal attest moeten opstellen met vermelding van de werkelijke economische waarde van de geschonken goederen. 

De beslissing die vorige week door de Vlaamse regering werd genomen om alle activiteiten die in de paasvakantie zouden plaatsvinden te annuleren, betekent een flinke financiële opdoffer voor heel wat jeugdorganisaties. 

Om te voorkomen dat zulke organisaties in financiële problemen zouden komen, wordt er - aan de ouders die dit financieel kunnen dragen – gevraagd solidair te zijn en het inschrijvingsgeld niet terug te vragen. Om deze solidariteit te ondersteunen heeft de regering besloten dat de belastingvermindering van 45% met een maximumbedrag van 11,20 EUR per opvangdag, zal behouden blijven wanneer de ouders zich solidair tonen en het inschrijvingsgeld van hun kinderen niet terugvragen van de jeugdorganisatie.  

Besluit u dus om het betaalde inschrijvingsgeld van de geannuleerde activiteit niet terug te vragen, zal u in uw aangifte personenbelasting nog steeds recht hebben op een belastingvermindering voor deze gedane uitgaven. Om de belastingvermindering te kunnen genieten is het zoals steeds belangrijk dat de jeugdorganisatie u een fiscaal attest bezorgd. 

Deze tijdelijke maatregel is van toepassing op uitgaven die gedaan zijn voor opvang gedurende de periode dat de maatregelen in de strijd tegen COVID-19 van toepassing zijn, met als ingangsdatum 14/03/2020 en een einddatum die nog vastgesteld moet worden door de overheid.  

De soldenperiode die normaliter op 01/07/2020 zou aanvangen, zal met één maand worden uitgesteld en loopt dit jaar van zaterdag 01/08/2020 tot en met 31/08/2020. De normale regels rond solden blijven gewoon gelden: 

  • - enkel tijdens de maand augustus mag er over “solden, koopjes, einde reeks, opruiming” gesproken worden;
  • - verkoop met verlies is enkel toegelaten tijdens de soldenmaand; 
  • - de producten die onder de benaming ‘solden’ verkocht worden, moeten reeds in het bezit zijn van de handelaar voor het begin van de soldenverkoop; 
  • - herbevoorrading van ‘soldenartikelen’ is uitdrukkelijk verboden. Producten die tijdens de soldenperiode geleverd worden, mogen bijgevolg niet als solden verkocht worden. 

Logischerwijze verschuift de sperperiode eveneens mee, deze zal dit jaar dus uitzonderlijk niet in juni maar wel in juli vallen. De normale regels rond de sperperiode blijven uiteraard gewoon gelden: 

  • - enkel van toepassing op de sectoren van kleding, schoenen en lederwaren; 
  • - tijdens die sperperiode mag een handelaar in de sectoren van kleding, schoenen en lederwaren in principe geen prijsverminderingen aankondigen; 
  • - tijdens de sperperiode mag men wel kortingen geven of doorrekenen aan de kassa (evenwel zonder deze aan te kondigen in reclameacties); 
  • - ook koppelverkoopacties en andere vormen van gezamenlijk aanbod, zoals bijvoorbeeld “2+1 gratis”, “2 stuks kopen = ­20% op het geheel”, etc. zijn wel steeds toegelaten (deze kunnen nl. niet verboden worden op basis van Europese regelgeving). 

De duurtijd van lopende uitverkopen wordt verlengd met de periode van de sluiting door de coronamaatregelen. 

Winkels die op 18/03/2020 een wettelijke uitverkoop deden (waarbij ze hierdoor uitzonderlijk met verlies mogen verkopen) en omwille van de coronamaatregelen hebben moeten sluiten tijdens de periode van uitverkoop, mogen de duur van de uitverkoop verlengen met de periode van sluiting ten gevolge van de coronamaatregelen. Op die manier kunnen ze toch over de volle 5 of 12 maanden (de periode is afhankelijk van de reden voor uitverkoop) beschikken. 

Door de veiligheidsmaatregelen die momenteel in België van kracht zijn, is het mogelijk dat burgers niet tijdig al hun fiscale formaliteiten kunnen vervullen.  

De Vlaamse Belastingdienst heeft om deze reden een tolerantieperiode toegestaan die voorziet in een automatische termijnverlenging van 2 maanden voor het indienen van de aangifte van nalatenschap.  

Deze termijnverlenging neemt aanvang van zodra de periode waarin de verstrengde corona-maatregelen uitwerking hebben is afgesloten (voorlopig neemt men hiervoor als referentiedatum 31/07/2020). 

Moet u als erfgenaam bijvoorbeeld een aangifte van nalatenschap indienen uiterlijk vóór 28/03/2020, dan wordt deze indieningstermijn automatisch uitgesteld tot (voorlopig) 30/09/2020. Tijdens deze tolerantieperiode zullen ook geen belastingverhogingen verschuldigd worden.  

Mocht blijken dat de periode waarin de verstrengde maatregelen van kracht zijn, bijkomend wordt verlengd, zal dit ook automatisch gelden voor de indieningstermijn van de aangifte van nalatenschap.

Omwille van de verstrengde veiligheidsmaatregelen die momenteel in België van kracht zijn, is het mogelijk dat burgers niet tijdig al hun fiscale formaliteiten kunnen vervullen.  

Om deze reden heeft de Vlaamse Belastingdienst voorzien in een algemene maatregel die een tolerantieperiode van 2 maanden toekent en aanvang neemt vanaf het einde van de periode waarin de verstrengde corona-maatregelen gelden, voor het voldoen van de fiscale formaliteiten (voorlopig neemt men hiervoor als referentiedatum 31/07/2020). 

Gedurende deze tolerantieperiode zullen er geen belastingverhogingen worden opgelegd in het geval de termijn overschreden wordt waarbinnen een akte ter registratie aangeboden moet worden. 

U heeft bijvoorbeeld een compromis voor de aankoop van een woning ondertekend en zou binnen de vier maanden (bijvoorbeeld ten laatste op 28/03/2020) de notariële koopakte moeten laten registreren en de registratiebelasting betalen. U zal in dit geval automatisch de tijd krijgen tot 30/09/2020 om de akte te laten registreren en de registratiebelasting te betalen, zonder dat een belastingverhoging doet ontstaan. 

Deze tolerantieperiode heeft o.a. gevolgen voor enkele gunstregimes. Denk bijvoorbeeld aan het verlaagde tarief van 6% dat u enkel kan genieten wanneer u binnen de twee jaar na het verlijden van de notariële akte gedomicilieerd bent in uw gezinswoning. In dit kader is bevestigd dat de termijnen mee opschuiven voor het voldoen aan de voorwaarden voor het behouden van de gunstregimes. 

Mocht blijken dat de periode waarin deze verstrengde maatregelen van kracht zijn bijkomend wordt verlengd, zal dit automatisch doorwerken binnen de registratiebelasting.

De regering heeft een nieuwe golf aan bijkomende maatregelen bekendgemaakt met als bedoeling de mensen die aan de slag zijn of willen gaan een bijkomende stimulans te geven. Met deze maatregelen wil de regering zo de bedrijven en sectoren met een grote nood aan personeel uit de brand redden. 

Concreet heeft de federale regering de volgende maatregelen genomen om meer mensen terug aan het werk te krijgen: 

- Overuren die in de vitale sectoren, zoals de voedings- en landbouwsector, worden gepresteerd zullen worden uitgebreid naar het voorbeeld van de horeca. Een werknemer zal op de overuren die hij of zij op vrijwillige basis (max. 220 overuren netto per jaar) presteert geen belasting verschuldigd zijn. Deze steunmaatregel is geldig op de overuren gepresteerd tot 30 juni 2020. 
- Tijdelijk werklozen die een centje willen bijverdienen hebben nu de mogelijkheid om op een flexibele manier en zonder inkomensverlies (tijdelijk) in de tuinbouw- en bosbouwsector te werken. De werknemer zal voor een volledige werkdag het normale loon voor de uitgeoefende functie ontvangen en zal eveneens 75% van zijn of haar tijdelijke werkloosheidsuitkering gekoppeld aan deze dag behouden. 
- Een versoepeling inzake flexibele werktijden, detachering en tijdelijk werk om zo de tijdelijke ter beschikkingstelling van vaste werknemers van andere bedrijven aan werkgevers in “kritische” sectoren te vergemakkelijken. Een bedrijf dat als gevolg van deze lockdown weinig werk om handen heeft, kan met deze steunmaatregel haar werknemers zo eenvoudiger ter beschikkingstellen van een ander bedrijf met personeelstekort.
- Het afsluiten van korte opeenvolgende contracten van 3 maanden in de kritische sectoren is nu ook voorzien.
- Alle werkuren die door jobstudenten worden gepresteerd in de tweede helft van 2020 zullen niet meetellen voor het bepalen van het quotum van 475 gepresteerde uren op jaarbasis. 
- Gedurende de crisisperiode wordt eveneens de degressiviteit van de werkloosheidsuitkeringen bevroren. 
- Mogelijkheid tot het inzetten van asielzoekers (tijdens de duur van hun asielprocedure) als er zich personeelstekorten voordoen. 

Over een eventuele aanmoedigingspremie voor de zorg en andere sectoren is er verder nog niets bekend. Hieromtrent bestaat er nog enige discussie binnen de regering.  

Meer informatie omtrent deze bijkomende steunmaatregelen kan u ook op de website van SD Worx terugvinden. 

Het is voor u als werkgever steeds mogelijk om bepaalde onkosten die uw werknemers voor uw bedrijf dragen, terug te betalen. Men noemt dit ook wel eens de ‘kosten eigen aan de werkgever’. Hierbij is het mogelijk om dit te doen aan de hand van maandelijkse onkostennota’s incl. bewijsstukken, maar het wordt ook aanvaard indien u werkt met vastgelegde maandelijkse forfaits.  

Aangezien het een terugbetaling van onkosten betreft, wordt de vergoeding niet als loon gezien, waardoor deze vrij is van belasting en RSZ. Aan de andere kant is de kost voor u als werkgever wel aftrekbaar. Omwille van deze reden is het toekennen van dergelijke onkostenvergoeding fiscaal interessant maar dient ze evenwel beperkt te worden tot de reële situatie, de zogenaamde ‘ernstige normen’, temeer omdat de fiscus kritisch meekijkt.  

In het verleden was het reeds mogelijk om aan werknemers die regelmatig van thuis uit werken een onkostenvergoeding toe te kennen voor het gebruik van het thuiskantoor. Immers dragen zij specifieke kosten zoals het verbruik van elektriciteit, verwarming, telefoonkosten, printpapier, printerinkt, klein kantoormateriaal etc. De forfaitaire onkosten die door de fiscale administratie (via de Dienst Voorafgaandelijke Beslissingen/Rulingdienst) en de RSZ worden aanvaard is 125 EUR (impliciet wordt 126,94 EUR aanvaard maar vaak rond men dit af).  

Bijkomend kunnen er ook voor het gebruik van een privé PC en internetverbinding telkens respectievelijk onkostenvergoedingen van 20 EUR toegekend worden. Hierdoor komt het totaal op 165 EUR. Het is in veel gevallen aangeraden om een zogenaamde rulinguitspraak te bekomen van de Rulingdienst vooraleer men overgaat tot het toekennen van onkostenvergoedingen. Immers als de fiscus nadien oordeelt dat de onkostenvergoeding niet terecht is, zal het geheel worden toegevoegd aan de loonmassa, met belastingen en RSZ tot gevolg. 

Om tegemoet te komen aan de uitzonderlijke situatie, waarbij het gros van de Belgische werknemers momenteel tijdens de coronacrisis van thuis werkt, heeft men beslist om de procedure en beoordeling te versoepelen. Zo dient er bijvoorbeeld geen telewerkovereenkomst of policy voorgelegd te worden. Echter, indien u als werkgever hierover volledige zekerheid wilt verkrijgen is een ruling alsnog aan te raden. Gelukkig is de rulingaanvraag specifiek vereenvoudigd in het kader van de coronacrisis. Men heeft aangegeven dat de aanvragen met spoed behandeld zouden worden, waardoor een beslissing snel zou volgen. Meer info op de websites van de RSZ en de Rulingdienst.  

Cynex kan u uiteraard bijstaan bij het indienen van de rulingaanvraag.